dinsdag 17 juli 2012

Nov. 2005 Gedwongen verblijf op Tenerife

November 2005
 
Gedwongen verblijf op Tenerife
 
Zoals jullie weten verblijven we al weer een behoorlijke tijd op de Canarische eilanden. Dit niet helemaal gewenst door ons. We wachten al een geruime tijd op de zeilnaaimachine uit Amerika die al lang in ons bezit had moeten zijn. De levering door UPS loopt dan ook niet zoals zou moeten. We zijn erg veel tijd kwijt met deze maatschappij omdat het maar niet wil lukken om deze pakketten naar het zuidelijke vliegveld van Tenerife te sturen in plaats van naar Madrid, daarna naar Santa Cruz. Afijn, we kunnen onderhand veel a-4tjes over dit probleem schrijven maar dat gaat zeker vervelen. Ons doet het dat al tenminste. Het leven van een zeezeiler gaat niet altíjd over rozen…..
Van Lanzarote, waar we na een geweldige tijd Ton en Nicky op de veerpont hebben gezet, zijn we verder gevaren naar Isla de Lobos, Fuertaventura en daarna naar Gran Canaria. Daar kwamen Carla en Yvonne in Las Palmas voor een weekje vakantie aan boord. Ook met hen was het geweldig. We hebben veel plezier gehad en vonden het jammer dat zij weer terug moesten.
De tocht naar Tenerife verliep goed en met een gemiddelde van 6 knopen kwamen we na 12 uur aan. Onderweg gelukkig weer dolfijnen gezien. Blijft speciaal! Nu liggen we dus voor anker bij Los Cristianos de Tenerife. Een stadje met veel toeristen. Het enige voordeel is dat van hieruit bussen in allerlei richtingen vertrekken en we ook onze voorraden kunnen aanvullen. Op dit eiland staat de Teide, de hoogste berg van Spanje. Op de top ligt ’s -winters sneeuw. We willen er naartoe maar tot nog toe heeft het geen zin omdat er steeds teveel laaghangende bewolking is.
Van hier uit willen we nog graag naar het eiland La Gomera en als het er nog inzit naar El Hierro. Dat zijn bijzondere eilanden, nog niet geheel door toeristen overspoeld en van een weldadige rust. Want de meeste eilanden van de Canarisch hebben ook een keerzijde en wel van teveel hotels, appartementen en ‘toeristen’. Maar er is gelukkig veel meer te zien op de eilanden dan alleen maar zand, zee, zonnebrandcrème, speelautomatenhallen, bars, discotheken en winkelcentra. Het gekke is dat ook wij toeristen zijn maar ons niet als zodanig voelen. Het vaarleven is dan ook geheel iets anders dan het verblijf op het vaste land, ook al hebben wij net als de doorsnee toerist zonnebrandcrème nodig.
Ieder eiland van de Canarisch is uniek en totaal onvergelijkbaar met elk ander eiland van de archipel. Zeven eilanden, de kleine rotseilanden ten noorden van Lanzarote en in het zuiden bij Fuertaventura niet meegeteld, blijken zeven verschillende werelden: woestijnen, ruige bergtoppen, steile berghellingen en licht aflopende zandstranden, riffen en kustlijnen vol vulkanisch gesteente. Maar ook liefelijk met veel groen en bloemenpracht door de verschillende klimaten en oorsprong.
Veel zeilschepen gebruiken deze eilanden om hun voorraden in te slaan op weg naar de Cariben, Kaap-Verden of Brazilië. De jaarlijkse zeiltocht in november georganiseerd door de ARC om gezamenlijk over te steken naar de Cariben vertrekt eind november vanuit de Canarische eilanden. Op Gran Canaria in Las Palmas komt er geen boot meer de haven in, deze is helemaal gereserveerd voor de ARC. Alles zit daar potdicht.
In het zuiden van Gran Canaria bij Anfi Del Mar hebben we snorkel-en duiklessen gekregen van een Deense duikleraar. Beck, een geweldig leuke gast en dito hond. Hij lag daar ook in de baai voor anker en kon op korte termijn daar als duikinstructeur aan de slag. In de tussentijd gaf hij ons privé-les. Voor weinig geld, gezelligheid en een warme hap werd een overeenkomst gesloten. We zijn veel te weten gekomen over veiligheid, gebruik van materialen en deden de nodige theorie en duikervaring op. Nadien een aantal dagen om de lessen in praktijk brengen. Een strenge leraar, maar daar stond wel tegenover dat we uitstekend leerden snorkelen en duiken. Na de eerste dag waren we kapot! Het vergt heel wat energie en concentratie. Je moet toch maar steeds diep adem halen, controle erop houden en luisteren naar je lichaam. Ik wilde toch wel steeds op tijd weer  naar boven en dacht het vaak niet te halen. Het is een enorme hulp als de duikleraar bij je blijft en je tot kalmte maant.
We hebben inmiddels de benodigde duikmaterialen aan boord, zoals fles, persluchtapparatuur, snorkels, wetsuite en zwemvliezen. Arnold duikt nu zonder uitrusting naar 10 á 12 meter diepte en hij volgt daarbij ook nog eens de gehele ankerketting onder water. De bikkel! Ik kan tijdens het snorkelen 5 meter diepte halen maar moet dan echt naar boven. Goed oefenen dus. Het is wel heerlijk om te doen, zo ontspannen en je prettig te voelen onder water. Er valt heel wat te zien. Rotsen en spleten waar vele gekleurde vissen zich ophouden en hun territorium tegen inmenging van anderen moeten verdedigen. Zij zijn daar vaak erg druk mee en negeren onze aanwezigheid.
Met kalme en rustige bewegingen verstoor je niets en vissen komen uit nieuwsgierigheid op je af, zeker als je wat stukjes kaas mee neemt en deze verkruimelt. De bodem is vaak rotsachtig met vele spleten. Meestal vinden vissen daar hun schuilplaats. Ook zagen we voor het eerst hele velden vol met zwarte zee-egels bijeen. Oppassen geblazen voor hun stekels. Krabben die op tijd wegduiken in hun schuilplaats. Vaak zwarte krabben met een donkerrood schild. De spinkrabben zijn bruin geel gestreept. Zij blijven vaak rustig hun voedsel zoeken. Door meer te snorkelen of duiken wordt je nieuwsgierigheid groter en maakt plaats voor opwinding en avontuur.
 In die dagen zagen we de eerste roggen die daar iedere avond in heel ondiep water uitrusten. Steeds in groepen van ongeveer 10 exemplaren. Sommige van 1½ meter doorsnee. Een geweldige bijna buitenaardse ontmoeting. Het ging om butterfly-roggen. Zij zijn bruin gevlekt aan de bovenkant en vormen zo een prima camouflage tegen de achtergrond van zand. Zij zijn niet gevaarlijk ook al hebben zij een korte stekel. We wilden met de rubberboot naar de kant en ineens om ons heen gespetter van roggen die wegzwommen om een eindje verder zich weer neer te
vleien in het ondiepe maar warme water. Met hun waaierachtige vinnen graven zij zich een beetje in. Alleen de ogen en kieuw openingen zijn te zien. Je kunt ze aanraken maar door de kracht die zij ontwikkelen bij het onverwacht wegzwemmen laat je dat wel. Bovendien bij het uitstappen stond ik er bovenop en schrok me wezenloos, dus mijn portie had ik wel gehad.
Een paar dagen geleden mailden Mariëtta en Paul ons. Zij liggen in de haven van Santa Cruz, in het noorden van dit eiland. Zij maakten zich ongerust omdat er verschillende zeilschepen weg gevlucht zouden zijn na veel wind en swell (deining) hier vanuit Los Christianos. Hier is ook geen haven om veilig weg te duiken als het te hard gaat waaien. Maar gelukkig viel het mee. De hevigheid van de wind klopte niet, wel de deining omdat de wind een paar dagen geleden draaide vanuit het noorden naar het zuiden en we lagen behoorlijk te rollen op de golven. Je zou er bijna zeeziek van worden. Maar ja, na Madeira zijn wij wel wat gewend! Daar was het rollen op de deining vaak erger. We hebben toch een hekanker uit gezet. Dat wil zeggen dat we niet alleen aan de voorkant van ons schip een anker hebben uitstaan maar ook aan de achterkant. Dat is nodig om de boot met de kop op de swell te houden. Zo liggen we niet dwars op de golven te rollen. Dat zal in de toekomst vaker nodig blijken. Zeker op de Kaap-Verden want daar lig je ook niet altijd beschut in de verschillende baaien.
We gingen kijken op internet naar het overzicht van de verschillende weerdiensten en pas kwamen we er achter dat er een behoorlijke cycloon heeft huisgehouden bij Madeira en vervolgens aan de kust van Portugal. Dan wordt je weer eventjes op de feiten gedrukt dat het fijne varen ook wel eens anders kan zijn en je echt moet afzien.
Ben ik net even buiten en duikt er een Engels zeilschip naast ons op en vraagt naar de naam van ons schip. “Jullie hebben vele groeten van Mariëtta en Paul die in Santa Cruz liggen. Zij maken zich erg ongerust over de harde wind die hier zou hebben gewaaid en denken veel aan jullie!” Het is toch wat! De boodschappen komen vanzelf bij ons! Waarom telefoon, e-mail, satelliet of andere dure communicatiemiddelen aanschaffen? Het ouderwets mondeling door geven van boodschappen lukt ook nog steeds! Kost geen stroom, dus geen dure accu’s, windgenerator en zonnepanelen! Toch iets om over na te denken!
Wij maken ons langzaam op om naar de Kaap-Verden te varen. Voorraad inslaan, Vlees inmaken, omdat daar op de eilanden bijna niets te koop is. Het beetje dat daar te krijgen valt wordt aangevoerd en is dus ook een stuk duurder. Ik ben ook het grote muskietennet aan het afmaken. Ik maak deze van witte tule. Heel wat meters gaan daarin zitten. Het lijkt alsof ik een bruidsjapon aan het maken ben! De luiken heb ik inmiddels verduisterd met zonwerende stof tegen. Arnold beveiligt de luiken nog met een ketting. We zijn gewaarschuwd tegen diefstal op de Kaap-Verden. Misschien valt het best mee. Maar een gewaarschuwd mens telt voor twee. Het weerhoudt ons niet
om er naar toe te gaan. Misschien is dat wel onze nuchtere Hollandse instelling om het allemaal zelf te gaan ontdekken in plaats van al die verhalen die de ronde doen te geloven en de eilanden om die reden niet te bezoeken. We doen er wel verslag van.
De nieuwe zonnetent beschermt ons onderweg en op de ankerplaats tegen de hete zon. De oude was helemaal verpulverd. Dit na 1½ jaar al. De stof was niet bestand tegen de zon. In dit milieu blijft niets heel, er gaat veel kapot door zon en zout. Zelfs de drukkers op mijn tasje, de gespjes en ringetjes op de schoenen, de spoeltjes en spoelhuls van de naaimachine beginnen al te roesten. Mijn ijzeren haarborstel kan ik ook al wegdoen, net zoals de koffie-, suiker- en theebussen. In de toekomst zijn blik, ijzer en staal taboe hier aan boord. Ik vraag me af of piercings tegen dit milieu bestand zijn? Niet dat wij ze hebben, hoor! Misschien daarom ook dat we niemand onder de zeilers zien met piercings. Nu ja, de leeftijd speelt daar ook een grote rol in. De meeste zijn van een oudere leeftijd. Zelfs roestvrij staal wil al bruin worden maar gelukkig met wat poetsen is dat wel te verwijderen. Bij de boeg op het dek ziet het er verschrikkelijk geroest uit. Daar gaat steeds het anker en ketting over heen met het nodige zeewater. Vooral de sporen die het roestwater nalaat maakt het nog veel erger dan het is. Dit is heel moeilijk te verwijderen. Maar niet teveel naar kijken! Jullie zien wel, kleine dingen worden heel belangrijk aan boord van een schip.
Arnold komt net terug met de dinghy en heeft voor de zoveelste keer telefonisch contact opgenomen met UPS. Als het goed is komt vanavond tegen 5uur de koerier met de naaimachine. We zullen het wel zien! Geduld is een goede zaak in deze! We willen wel heel snel verder omdat we hier toch echt wel uitgekeken zijn op dit eiland. Op naar La Gomera.
We hebben het anker weer omhoog gehaald en zijn op de motor vertrokken naar Gomera. Geen wind om te zeilen.
Het is ongeveer 20 zeemijlen naar dat eiland varen en we zien het vanaf Tenerife duidelijk liggen. De vulkaan de Teide hebben we al die tijd niet kunnen zien. De laatste week was het weer ronduit slecht, veel bewolking en regen. Vanaf de oceaan kunnen we wederom geen Teide ontdekken. De vele bewolking laat dat niet toe. Onderweg krijgen we gezelschap van een kleine familie grienden. Een grotere soort dolfijnen. Zij negeren ons en zwemmen niet mee voor aan de boeg van de Drifter. Zij hebben duidelijk niets met bootjes.
In de haven van San Sebastián aangekomen liggen we aan een steiger tussen vele nationaliteiten in. Veelal wereldomzeilers. Je herkent ze niet alleen aan hun groetvlaggen maar de gehele uitrusting aan boord laat het duidelijk zien, zoals zonnepanelen, windmolens, jerrycans, zonnetenten en…dingy’s(rubberboten). En we zien vanaf de haven de Teide duidelijk boven de wolken uitsteken. Een immens hoge vulkaan! Geen wonder dat er zich sneeuw bovenop bevind.
Hier is het prettig liggen ook al is het een kleine bedrijvige haven waarin verschillende malen per dag veerboten aankomen en vertrekken. Het stadje is oud en pittoresk met de vele prachtig rijk versierde balkons aan de gevels.
Het tamelijk ongerepte La Gomera is een verademing na de lawaaiige toeristenkermis van Tenerife. Hier blijven we 4 dagen liggen om schoon schip te maken, water en diesel te tanken, kleding te wassen en levensmiddelen in te slaan. Wij doen niet anders dan de grote wereldreizigers voorheen zoals Columbus die ook om dezelfde reden dit eiland aandeed. Hij zocht hier ook naar nieuwe planten en dieren voor de nieuwe wereld. Zo verklaren sommigen zijn bezoek aan Gomera althans. Anderen vermoeden dat hij een oogje had op de mooie roodharige Beatriz de Bobadilla, die eerder de maîtresse was van de Spaanse koning Ferdinand van Aragón. Is jullie kennis van geschiedenis ook weer eens een beetje opgevijzeld. Wij voelen ons vereerd om in hun spoor deze wereld opnieuw te ontdekken.

Tot mails maar weer
La Gomera, 5 november ’05

maandag 16 juli 2012

Aug. 2005 Madeira Selvages en.....

Augustus 2005

Madeira, Selvagens en…….


Nicky en Ton zijn aan boord gekomen vanuit Nederland. Zij varen met ons naar de Canarische Eilanden. Vandaar uit gaan zij weer met het vliegtuig terug. Tenminste, als wij ze van boord geschopt krijgen, want ik ben bang dat zij anders willen blijven. Het zijn echte zeilers en zij vinden het prachtig aan boord te zijn van de Drifter. Golven en deining deren hen niet. En deinen doen we! Er staat voor het strand van Madeira waar wij ankeren een behoorlijke swell vanuit de oceaan.  Het eiland wordt met hun verkend, maar ik bespeur een zeker ongeduld bij beide om zo snel mogelijk het water op te gaan en te gaan zeilen. Daaraan zullen we maar voldoen! Voor de verandering hou ik nu op met het schrijven van de flessenpost, omdat Ton een heel verslag aan het schrijven is over alles en nog wat. Ik weet zeker dat we zijn verhaal mogen gebruiken voor op de site. Horen jullie ook eens van een ander hoe het leven aan boord van de Drifter is. Ton schrijft erg leuk, dus een ware aanvulling voor onze site. Hier volgt zijn verhaal:

Hallo landrotten
Als ik dit begin te schrijven loop ik samen met Arnold de eerst wacht van 21 tot 24 uur op donderdag avond 4-8-05 en de boot rolt weer behoorlijk op de golven. We lopen ongeveer 5 knopen met halve wind. Zoals je weet is typen niet mijn sterkste kant en zeker niet binnen in een rollende boot maar ik probeer er toch iets van te maken zonder zeeziek te worden (tot op heden zijn Arnold en ik de enige die nog nergens last van hebben gehad maar Coby en Nicky hebben al regelmatig de vissen gevoerd. Oeps, daar hadden we weer een behoorlijke schuiver, de golf komt dan aan bakboord en tilt de boot schuin omhoog en zet de kont naar stuurboord uit dwars op de golven. We worden dan wel 2,5 meter opgepakt en de neus van de boot duikt dan in de golven. In mijn kooi word ik dan van voor naar achteren en van links naar rechts geslingerd maar ondanks alles slaap ik erg goed, ik moet zeggen dat het went. Maar we vermaken ons best hier op de oceaan en genieten met volle teugen van de gastvrijheid hier aan boord. We kregen vandaag nog gezelschap van een groep dolfijnen en 2 schildpadden onderweg. Ik ga even kijken aan dek of Arnold niet in slaap is gesukkeld dus wacht even ik ben zo terug.…….Alles was wel aan boord.
Maar nu wil ik in het kort iets vertellen van de reis tot nu aan toe.
Donderdag
De vlucht was nogal hobbelig met een paar flinke luchtzakken, maar dan waren we alvast een beetje ingeslingerd voor aan boord. Op Madeira stonden Arnold en Coby ons op te wachten en gingen we met de bus naar de boot. De bus deed er ongeveer een uur over dus konden we al heel wat zien van het eiland en ik kan je zeggen het is hier mooi maar ook erg toeristisch. Aangekomen in de haven moesten we met het bijbootje naar de Drifter. Daar lagen ook Paul en Mariëtta met hun boot voor anker. Nadat we met hun bijgekletst waren zijn we de haven rondgelopen en hebben we op een terras wat gedronken. ’s Avonds naar een openluchtconcert geweest en dat was leuk. De Drifter lag in de baai te rollen van jewelste. Dat komt nog van de golven op de oceaan die dan de baai in komen. Deze oceaandeining zonder brekers heet overigens swell.
Vrijdag
Na een goede nachtrust en een stevig ontbijt in de kuip met de dingy naar de wal om Funchal te bekijken. Het is een levendige stad met veel groen en leuke straatjes en steegjes ‘s avonds weer naar een ander concert op dezelfde locatie, ook weer best gezellig .
Zaterdag
Zaterdag, uitgevaren en lekker gezeild met de Drifter met een wind kracht 4 grootzeil en genua en kotterfok. Ik heb heerlijk voor op de preekstoel gezeten die tocht en Nicky en Arnold zeilden de boot. Kwam Nicky ook weer aan zijn trekken. Nadat we de boot weer voor anker hadden liggen met de dingy weer na de wal (bootjes mensen gebruiken zo’n ding alsof het een fiets is) om uit te gaan eten in Funchal. Als je er een beetje de weg weet kun je er heel goed eten voor weinig geld. Je raad het nooit, maar we gingen weer naar de plaats voor ons laatste concert van deze week, ik heb nog nooit zoveel cultuur gesnoven in zo’n korte tijd.
Zondag
Tijdens het ontbijt kregen we van Mariëtta via de marifoon te horen dat de bus die we nodig hadden in Funchal om ons naar boven op de berg te brengen over een half uur vertrok dus enig haast was geboden. Onderweg met de dingy raakten we nog verstrikt in een vislijn van een visser op de kant, zo iets maak je alleen maar mee als je haast hebt. Och, onze eerste wacht zit er al op, Arnold en ik gaan slapen, tot straks.
Nou daar zijn we weer, van slapen is niet veel gekomen. Ik slaap namelijk in de voorste hut van het schip de wind viel weg en dan klappert en rammelt er van alles aan boord. De vorige wacht, Nicky en Coby hebben de genua in gerold en de kotterfok gestreken en het grootzeil midscheeps gezet, dan dient het alleen nog maar als steunzeil om de rollende beweging enigszins op te vangen. Nu weer terug naar waar ik gebleven was.
De bus deed er een uur over om boven op de berg te komen. Je vraagt je nu natuurlijk af waarom wij zonodig op die berg wilden zijn. We gingen er een levada-wandeling maken. Ze hebben daar kunstmatige kanaaltjes aangelegd om het regenwater van de ene kant naar de andere kant van de berg te leiden. Er zit soms toch genoeg stroming in die kanaaltjes en er loopt een pad langs dat zo goed als horizontaal ligt waardoor je eenvoudig op kunt afdalen. De uitzichten waren werkelijke prachtig en op sommige stukken liep je rakelings langs de afgrond zonder enige vorm van reling of iets dergelijks. Het was een prachtige wandeling van ongeveer 5 uur. Terug op de boot water getankt in de haven en Coby en Mariëtta hebben op de kademuur de logo’s van de schepen geschilderd tussen die van anderen.
Maandag
Om 12 uur ankerop gegaan richting Selvagem Grande. Dat is een onbewoond eiland waar normaal maar twee personen gestationeerd zijn als opzichter en om onderzoek te doen naar de flora en de fauna van dit eiland. Je moet er speciaal toestemming, een officieel uitziend document met de nodige stempels voor aanvragen om in de baai te mogen ankeren en het eiland te mogen betreden. En dat voor maar 48 uur. Maar zeker de moeite waard. De eerste tijd weinig wind, dat komt nog door de invloed van het eiland Madeira, daarna noordoost 6 (enkel rif plus kotterfok) De geschatte golfhoogte volgens Paul en Marieta was 5 meter maar wij dachten aan toch wat minder (zeg maar de helft). Door de knobbelige
zee maakten we stevige schuivers (best mooi om mee te maken). Dan is de Drifter ook maar een speelballetje op die hoge golven. Op een gegeven moment hoorden we een klap en glas gerinkel binnen aan boord. Wat bleek; de afwas zeilde letterlijk door de kajuit en kwam met een klap onder de kaartentafel tot stilstand met gevolg dat Coby weer wat meer ruimte in haar servieskast heeft. Als je aan bakboord keek zag je een meters hoge berg water op je afkomen die op het laatste moment onder de boot duikt en haar met enorme kracht optilt om vervolgens aan stuurboord er weer schuimend en briesend vandaan te komen. Dat is de fun van zeilen op groot water. De eerste wacht is voor Coby en Nicky; 21-24 uur. Arnold en ik gingen naar onze kooien. ’s-Nachts die fluorescerende golven en een prachtige sterrenhemel met veel vallende sterren, waarvan een grote komeet (denken we) die een groot deel van de hemel verlichte. Het is een geweldige ervaring om ‘s nachts op de oceaan te zeilen. Arnold en ik hebben een prachtige wacht en geen last van zeeziekte.
Dinsdag
Wind afgenomen naar 5, rif eruit gehaald en overdag prima gezeild onder dezelfde omstandigheden als ‘s nachts.Als Arnold achter het stuurwiel zat kon je aan zijn lange snor de windrichting aflezen en dat was een leuk gezicht. Om de baai binnen te lopen moesten we goed opletten op ondieptes en rotsformaties die volgens de Pilot niet duidelijk aangegeven waren en dat is dan toch wel spannend. Om 19 uur het anker uit gegooid in de baai. Paul had een dorade gevangen onderweg en gerookt. Na voortreffelijk gegeten te hebben (Coby verwend ons geweldig de hele dag door ondanks haar zeeziekte) werden we uitgenodigd voor een pilsje bij Paul en Mariëtta maar we waren allemaal te moe. Dit werd dan ook na een kort beraad aan boord uitgesteld naar morgen.
Woensdag
Met de gids rond gelopen op het eiland. Er broeden daar zo’n 50 duizend vogels, waaronder veel stormvogels volgens hem. Maar overdag merk je daar niet zoveel van omdat het mannetje voedsel aan het zoeken is op zee en het vrouwtje bij het nest blijft. Die nesten zijn allemaal verscholen in de rotsenwand. Als ze terugkomen van zee hebben ze heel wat te vertellen tegen elkaar en dat is een heel leuk taaltje dat wij dus niet kunnen verstaan.’s Middags op de borrel bij de buren en de gerookte dorade (salade) geproefd, wat smaakt dat lekker zeg. Daarna nog fijn met z’n allen gesnorkeld in dat glasheldere water en genoten van de mooie onderwaterwereld aldaar.
Donderdag
Eerst uitgeslapen en daarna koffie met de buren. Om 12 uur anker op, weinig wind 2-3 noord oost op de motor richting Graciosa. Om 17 uur het grootzeil en de genua gezet. Later de genua gewisseld voor de halfwinder. In de middag kwamen ineens uit het niets een groepje dolfijnen voor de boot, ik heb er foto’s van gemaakt. De tweede wacht voor Coby en Nicky is aangebroken en we gaan nog steeds op de motor, helaas. Ik sluit hierbij af, we zijn net Paul en Marieta opgelopen die varen dus ook met het ijzeren zeil.
Vrijdag
Om ongeveer 9 uur weer uit de kooi gekropen. Even later (Nicky is inmiddels weer te bed gegaan, zijn wacht zat er weer op) hebben we een dorade of goudmarkreel gevangen met de lijn achter de boot. Lichte paniek wat moeten we daar nu mee. Ton: “we kunnen hem terugzetten in de zee! ” Arnold:”Nou dat lijkt me niet zo’n verstandig plan. Hoe krijg je in Gods naam zo’n gevaarte levend van de haak af?’’ Uiteindelijk is de vis levend aan boord gekomen en vakkundig omgelegd met een handveger. Via de marifoon werd bij Paul geïnformeerd wat er nu het beste met de vangst gedaan kon worden. Paul beloofde tijdens het komende Happy Hour een demonstratie en uitleg visontleding en roking te gaan geven en zo geschiedde. Echter werd er van tevoren nog gesnorkeld in het prachtige heldere water van de baai waar we voor anker lagen. Alleen werd het wel een erg lang en gezellig uurtje. Van de vis hebben we met z’n allen genoten en dit smaakte zeker naar meer, vandaar dat we zelf thuis ook een rookdoos willen. Na deze geweldige avond die overging van happpy hour in eten met een drankje, een bakkie koffie en een afsluitende borrel te kooi gekropen voor een welverdiende nachtrust.
Zaterdag
Na zo’n uitgebreide dag van feesten is de volgende morgen een mooi moment om aan te grijpen voor een groots ontbijt in de kuip. Hierna was het echter gedaan met de lol (of ging die voor ons gewoon verder) want eindelijk kwamen we aan het klussen toe. Voor Arnold en mij was het de windvaanbesturing die op het programma stond. Deze maakte naar onze ondervinding geen gelijke uitslagen naar beide zijden en dan stuurt hij niet fijn. Nicky is aan de slag gegaan met het vervangen van een kapotte leuver van het grootzeil. En heeft later de ankerlijn die ze gebruikt hebben in Funchal (Madeira) schoon te maken. Deze was behoorlijk smerig geworden van 7 weken in vies havenwater te liggen. Zoals gewoonlijk is voor de vertrekkers wordt er maar een gedeelte van de dag gewerkt (liefst de ochtend) zodat er ’s middags tijd overblijft om andere leuke dingen te gaan doen. (Arnold heeft zojuist de koffiefilterhouder met koffiefilter en natte koffiedrap op de grond van de kombuis laten vallen. We zullen zijn uitspraak maar niet herhalen lijkt me. De koffie zit tot in de kastjes, hij was dan ook bezig de pannen weg te zetten maar ja, mannen kunnen geen 2 dingen tegelijk he! Oke, we pakken het lijntje weer op waar we gebleven waren.) De leuke dingen ’s middags weet je nog?? Dit was (alweer) snorkelen in de prachtige baai waar we nog steeds lagen, echter zijn we nu met ons vieren en Mariëtta met de dinghy naar de kant gegaan. Daar was een prachtige rotskant die ook onder water doorliep. Daar hebben we prachtige vissen gezien, zeekwamkwammers, heel veel zee-egels en een inktvis. We zijn door het brood heen en er geen mogelijkheid was om naar een bakker in de buurt te gaan (die was er niet in de baai). Dus moest er zelf brood gebakken worden. Coby had deze taak op zicht genomen alleen heeft Nicky haar geholpen met het kneden van het deeg daar dit een te grote belasting was voor haar schouders. Resultaat: geweldig lekker brood uit eigen snelkookpan.
Zondag
Na het ontbijt de dinghy aan boord gehesen, klinkt decadent hé! Maar eigenlijk is dit gewoon omdat zij niet meer achter in de davits kan hangen vanwege de windpilot en de dingy nu op het voordek moet. Om ongeveer 11 uur zijn we ankerop gegaan en is de vislijn weer overboord gegaan echter bleek later zonder resultaat. Onderweg nog maar weer een klusje gedaan, die zijn er altijd wel aan boord. Deze keer mocht eindelijk na jaren lang zeuren van Coby en Nicky de schoot van de kotterfok vervangen worden. Onder grootzeil en genua zijn we op het eind van de middag aangekomen in Puerto Naos. Dit is een visserhaven vlakbij de hoofdstad Arrecife van het eiland Lanzarote. Hier was het een beetje krap behuisd dus duurde het even zeg maar 3 kwartier voordat we de juiste ankerplek hadden gevonden. Gelukkig werkt de elektrische ankerlier naar behoren.
Maandag
Aangezien de buren (Paul en Mariëtta) wel zo slim waren geweest om gisteren een gebakken eitje bij het zondagse ontbijt te nemen hadden we besloten vandaag zondag te vieren. Dus werd er gefoerageerd door Coby en mij. Nicky had ons met de dinghy naar de kant gebracht met een gigantische lading resten van het losbandige leven. Arnold en hij zouden het verder aan boord voorbereiden. Uiteindelijk waren we om 13 uur klaar met onze brunch. We zullen maar een korte opsomming geven: Vers brood, gebakken eitjes met spek en lekkere kruiden aangevuld met sneetjes heerlijke toast/geroosterd brood met pindakaas of jam. Dit overgaande in rustig koffie uurtje met uiteraard een koekje bij de koffie! Dit alles onder een heerlijk dagelijkse Caribische zonnetje, ach het leven hier aan boord is zo slecht nog niet. Genoeg geklets over onze brunch, ik liet me even gaan sorry! Later op de dag, in dit geval werd het ritme dus even omgekeerd. ’s-Middags is het ons gelukt om 8 maststeps te buigen. Voordat we alle materialen en gereedschappen gevonden en geïnstalleerd hadden bleef er al niet veel tijd meer over. We moesten ook nog de wal op vandaag; inklaren, de omgeving verkennen, foto’s maken natuurlijk en niet te vergeten, een terrasje pikken. Omdat we vandaag geen kans hebben gekregen om zelf een visje te vangen werd deze gekocht bij de lokale visboer en wederom gerookt in de rookdoos van Paul. Het verblijf op de wal was al een hele tijd uitgelopen, niet dat dat erg is maar daardoor blijft er ’s avonds weinig tijd meer over na het eten. Lekker op tijd te kooi gekropen, daar waren we aan toe.
Dinsdag
Deze morgen weer weg uit de vissershaven en op weg gegaan naar het zuiden van het eiland. Daar waren meerdere baaien waar we zouden kunnen gaan ankeren een eindje van de stad af, maar ook bij de stad moest een ankerplek zijn. Dit bleek later niet geheel het geval te zijn. Onder alleen de genua in het begin en later het ijzeren zeil hebben we het rustig kunnen bereiken met onderweg een leuke ontmoeting met een kudde dolfijnen. Deze keer schijnen het Grienden geweest te zijn. O ja, ook nog een schildpad zijn we tegengekomen en niet zo’n kleintje. Helaas dook hij/zij onder toe we er langs voeren, wel een verstandig plan natuurlijk. Aangekomen bij het zuiden van het eiland zijn we om ongeveer 17 uur voor anker gegaan in een leuke baai om daar weer even af te kunnen koelen in het heldere water. Later zijn we doorgevaren richting het stadje om daar te kunnen ankeren maar dat bleek helaas niet meer mogelijk. Daarom zijn we voor het eerst deze vakantie in een marina gaan liggen. Natuurlijk waren de buren ons al weer achterna gekomen en gelijk naar de stroom en watertappunten en wasgelegenheid vertrokken. Nu liggen we tegenover elkaar en gaan we zo nog even de haven rondlopen. Toch weer even bootjes kijken, ook al zijn we heel veel mijlen weg van huis. Morgen staan we bijtijds op (verdomde siësta met die Spanjolen) omdat er vanaf 13 uur niets meer open is. Van tevoren moeten we dus geïnformeerd hebben hoe we vanuit hier donderdag met de ferry naar de overkant kunnen en vanuit daar met de bus naar het vliegveld. Opsomming van ons Spaans tot nu toe waar we ons mee zullen moeten redden: Ola, Gracios, Ce nada, Autocarros, autobus, airoporto, quanta costa. Moet lukken toch???
 
Ton van Zon

Dit was het verslag van Ton (en Nicky) Jullie hebben wel gemerkt dat deze twee ontzettend genoten hebben, maar wij ook van hen. Deze 14 dagen zijn omgevlogen. We hebben Nicky voorgesteld om begin januari met ons de oversteek te maken vanuit Gambia naar Brazilië. Zijn ogen glunderden bij dit voorstel. Volgens hem moet dat wel lukken mits hij het geregeld krijgt op school. Ik zou zeggen bekijk ook de bijgevoegde foto’s, die spreken voor zich, de bolderfile en er staan weer nieuwe recepten op de site. Voor nu dan weer tot mails.
 
Groeten,
Arnold en Coby.
Augustus 2005

Juni 2005 Hallo medereizigers via de e-mail

 Juni 2005
 
Hallo medereizigers via de e-mail
 Wij zijn aan de tweede fase begonnen van onze wereldreis. Tenminste zo voelt dat wel na een lange tijd in Portugal te hebben door gebracht. Het laatste stadje, Alvor beviel ons wel. In eerste instantie wel eventjes wennen aan de toeristenstroom daar. Iedere dag weer opnieuw veel Engelsen maar toch ook nog genoeg Portugezen om van te genieten. Alle familie weer van boord gegooid. Blijft leuk maar een gezegde is "bezoek en vis blijven maar een korte tijd goed want anders gaat het stinken"! Ardi en Hans konden er niet genoeg van krijgen. Waren al voor de tweede keer aan boord en hebben besloten om volgend jaar maar weer naar de Algarve te komen ook al zijn wij er dan niet om hun vakantie te vervolmaken! Waar zijn wíj dan? 
Eerst even onze blik werpen op de oversteek naar Madeira. Het is 15 juni, woensdagmorgen en wij vertrekken naar Madeira. Zo'n 450 mijl voor de boeg. Dat zal ongeveer 4 dagen doorvaren zijn mits de wind ons niet in de steek laat. De vooruitzichten zijn goed. Er wordt de komende dagen noordenwind verwacht, kracht 4 á 5. Zo'n eerste dag en nacht zitten we nog niet in ons ritme en als dan zeeziekte er nog eens bijkomt is dat erg vermoeiend. Ook Arnold ontkomt er deze keer niet aan. Ondanks dat lopen we toch beide onze wachten. Na de aflossing is het een weldaad om te kunnen liggen en te slapen als dat lukt! We vertellen in het kort wat we gezien en gedaan hebben en duiken na wat gr..gr.. in bed. Ik heb eens ooit in een ander verslag gelezen dat we elkaar op die manier ook niet op de zenuwen werken. Je weet te voren dat je een tijd moet uitzitten en soms is het niet leuk. Het is dan voor geen van beide leuk en heeft het ook geen zin de ander te zieken want die zit in dezelfde situatie. Nu wil ik dat nog wel eens vergeten en van me af chagrijnen, vooral als ik zeeziek ben. Ik moet die tekst maar eens terug zoeken en duidelijk waarneembaar ophangen. Afijn we komen er wel door. 
De zon laat zich niet meer zien en de halve maan 's nacht laat het ook afweten. Al met al druilerige dagen en koude nachten. Het is een wat saaie tocht aan het worden. Drifter stuift er wel vandoor en daar valt ook wat voor te zeggen. Vanaf het moment dat we de goede wind oppikten heeft het noord 5 en 6 gewaaid. We hebben een tweede reef in het grootzeil gestoken omdat dat wat kalmer vaart. Ook de genua wordt ingenomen.Voor de niet ingewijden onder ons betekend dat we een deel van het grootzeil innemen zodat het kleiner wordt. Het grote voorzeil is opgerold. De kotterfok staat nog bij. Hoe verder je van de kust afvaart, hoe minder leven je ziet. Tot nu toe hebben we geen gezelschap van dolfijnen en we missen ze dan ook. De derde dag komt er een alpengierzwaluw aan boord om even uit te rusten. Deze komen nooit op de grond en vliegen zeer snel, tot 250 km per uur (opgezocht in boek). Hij of zij voelt zich kennelijk niet thuis aan boord en houdt het voor gezien.
 De derde dag wordt de wind iets minder en krijgen we hem meer schuin van achteren. Dat heet bakstag-wind. Het tweede reef gaat eruit. Het nadeel hiervan is dat het rollen van de boot erger wordt naarmate de wind afneemt. Binnen staat dan ook alles achter deurtjes, kastjes en latten te klapperen en te rollen. Het is een kakofonie van geluiden. In de kombuis heb ik een net hangen en een tweede in onze toiletruimte. Daar ligt het fruit en de groenten in. De aardbeien was ik vergeten en zij zijn gaan rollen in dat net. Niets meer van over. Tenminste, Arnold kan er weinig van terug vinden behalve nog enkele verschrompelde kroontjes. Wel is alles in de omgeving rood gekleurd zo ook de knoflook die erbij lag. Waarom ik die bij elkaar heb gelegd is me nog steeds onduidelijk. Heeft de knoflook misschien de aardbeien opgegeten? Of het moet zijn dat zij in alle commotie en hectiek elkaar opzoeken en troost weten te geven. Het blijft me bezig houden. Maar goed, ik ben ziek en kom voorlopig niet beneden. Heb er dan ook geen last van! 
Arnold heeft zonder na te denken onze toiletruimte open getrokken en een blik geworpen naar de toestand van al de andere bederfelijke waar die daar hangt in een net. Had hij niet moeten doen. Ik had namelijk op de markt in Alvor heerlijke zachte perziken gekocht. Een hele kilo. De eerste twee dagen hebben wij nauwelijks kunnen eten en voedsel in de vorm van fruit dan ook helemaal vergeten. Jullie raden het al..Je kunt je geen voorstelling maken van de fruitige ravage daar in die kleine ruimte. Alles maar dan ook alles zat onder de bruine drek en velletjes en wat al niet meer. Muren, plafond, vloer, wasbak en toilet waren onherkenbaar veranderd. In het net waren alleen nog maar de pitten te vinden...De dagen dat we aan het varen waren heb ik het niet kunnen en willen zien. Ik kan het niet schoonmaken onderweg want ik heb het zo al moeilijk genoeg. De deur goed dichthouden en maar hopen dat we geen bezoek krijgen van b.v. de douane. Die zou wel eens gekke vragen kunnen stellen! Gelukkig hebben we nog een tweede toilet aan boord. 
Voor we vertrokken heb ik kippenbilletjes gebraden en drie dozen met nasi gemaakt. In de koeling blijft dat gelukkig een langere tijd goed. Alle dagen alleen maar water vult ook niet echt en door het rollen van het schip kun je ook niet altijd een culinair hoogstandje op tafel zetten. Een eenvoudige schotel bereiden is vaak al onmogelijk. Arnold kon de tweede dag al weer eten en genoot van die kippenpootjes. De derde dag voelde ik me een stuk beter en met nog een nacht en dag te gaan konden we weer een beetje normaal eten. De verhalen van anderen kloppen echt wel dat de maaltijden aan boord bij een overtocht wel heel belangrijk zijn.
Dag vier konden we steeds meer genieten van de overtocht en kwamen we echt in ons ritme. Je went aan alle ongemakken en je lichaam past zich wonderwel aan het schommelen en de vaak ongemakkelijke houding aan. Eindelijk zien we land. Spitse toppen, kleine en hoge bergen wat verspreid liggend. Porto Santo, een van de eilanden van de Madeira-groep. Het duurt uiteindelijk nog 6 uur voor we achter ons anker liggen, dicht bij de haven. Wat is het toch fijn om aan te komen. Heel gek, in een inham net voor het strand je anker uit te gooien met achter je de grote oceaan. Er staat hier flink wat deining maar daar hebben we nu weinig last van. Ik dek nog even de tafel ook al is het inmiddels 23.00 uur. We eten met smaak de laatste kippenbilletjes op gecombineerd met een boterhammetje kaas. Heerlijk! Gauw nog even een telefoontje naar Stephan en Moon. Oei, het is in Nederland een uur later dan hier. Dan maar een es-em-esje! Goed aangekomen, alles wel! Slapen is het enige we nog kunnen bedenken en wij vallen alle twee in een soort vreemde diepe coma maar zijn de andere dag wel weer op en uitgerust. Eerst weer eens een flinke klus klaren want de ankerlijn in de ankerbak zit in elkaar gedraaid en moet eerst ontward worden. Het is gelukkig maar zo'n 50 meter want de andere 40 ligt al in het water. Oei, daar gaat de zoveelste schroevendraaier over boord. Dit was onze grootste. Zo komen we natuurlijk wel heel erg slecht in het gereedschap te zitten. Daarna het vuil en aangekoekt zout schoonmaken.
Ik ga dan ook snel aan de slag om met het afwaswater nog de kuip en de rest schoon te maken. Zuinig zijn met water is onze eerste verdienste, dus vandaar. Daarna is het bed aan de beurt. Heerlijk weer een schoon nestje te hebben. De vuile was in de toiletruimte. O, mijn God..ik was vergeten dat... De weeïge lucht komt me tegemoet en bij het zien van die puinhoop slaat me de schrik om het lijf. Wederom gooi ik de boel dicht na eerst het raampje open te hebben gegooid.
Wel met een knijper op mijn neus! Morgen is er weer een dag. Eerst een paar e-mails versturen.
Die middag komt er een Duits stel aan boord om ons te verwittigen dat de ankerplaats ons 46 euro per dag gaat kosten. Zoiets belachelijks hebben we niet eerder gehoord. We wachten wel af. We hebben echt geen zin om meteen weer uit te varen. De volgende morgen willen we wel vertrekken maar de harde wind en regen laten dat niet toe. Even later komt er een rubberboot langszij met een havenwacht die ons meedeelt dat we in moeten klaren en in de haven kunnen liggen. Daar is het goedkoper. Op onze beurt vragen wij wat wij hier dan wel moeten betalen. Dat weet hij ons niet te vertellen zegt hij. Wij zeggen hem dat natuurlijk wel te weten maar hij houdt zich liever van den domme. De stoppen slaan bij ons door en we weigeren ons in te klaren. Wij zijn al die tijd aan boord gebleven en zijn zeker nu helemaal niet meer van plan om naar de haven of op de kant te gaan. Wij zeggen door te varen naar Madeira. Maar nee, wij zijn volgens hem en de wet verplicht om eerst in te klaren. En hij vertelt ons dat in Madeira de zelfde prijzen gelden voor het ankeren.
Welke prijzen? Het is puur mensen dwingen om in de haven te gaan liggen en daar veel geld voor te betalen. Zo ongastvrij zijn we nog nergens bejegend. Ze mogen best iets voor het ankeren vragen. Als het redelijk is, is daar nog iets voor te zeggen maar dit soort van exorbitante prijzen slaat werkelijk alles. Onze stemming daalt dan ook naar het nulpunt en het weer maakt het er zeker niet beter op. Alles grijs en grauw. Donkere wolken pakken zich boven onze hoofden samen en de wind giert door het want. Hevig verontwaardigd halen we het anker op en vertrekken naar Madeira
in de hoop dat het daar anders is voor de jachtjes. Het liefst zouden we dit verhaal aan iedere zeiler onderweg naar Porto Santo willen meedelen via het blad Zeilen, de Waterkampioen, Trans-Ocean en het consulaat of ambassade. Ga daar niet naar toe! Boycot dat eiland!
Wij vertrekken om half 12 onder protest naar Madeira. Weer geen dolfijn te zien. Wel wat stormvogels die net over de golven scheren. Verder geen andere schepen behalve een vissersboot. Nog even bezorgd geweest of het de Guardia fiscal niet was om ons aan de ketting te leggen. Ja, je weet maar nooit. Dat zijn geen lieverdjes hier. Ik ben aan het voorlezen uit de pilot als er ineens voor ons langs een zeilschip scheert. Schrikken dus..Totaal niet gezien omdat we niet opletten. Als hij niet had..opgelet dan.. Omdat het weer zo grauw en grijs is en wij niet rechtstreeks kunnen aansturen op Madeira varen we er bijna aan voorbij. Op onze peiling staat nog 6 mijl te gaan en we zien het niet liggen. We varen op de andere boeg en jawel daar ligt het eiland Madeira..Toch teveel naar rechts gekeken? Het is ook moeilijk te zien in dit slechte weer.
Dichterbij gekomen zien we de rotsen bij de punt waar we omheen moeten. Toch weer steeds spannend. Het eiland wordt groter en de begroeide groene bergen en dalen strekken zich voor ons uit. Prachtige hoge klippen zijn hier te zien. Nors en ruw gericht naar de grauwe hemel. Een goede ankerplek te vinden aan de voet van deze klippen is moeilijk. Er moet er wel een zijn volgens de pilot. We varen maar liever door naar Machico. Daar is een haventje en mogelijkheid om te ankeren. We moeten morgen wel weer door naar Funchal omdat we in Machico niet kunnen inklaren.
Er is daar een nieuwe bar of disco gebouwd aan de kade en de muziek dreunt er naar buiten. Er is bijna geen plaats om te ankeren, maar we moeten wel omdat er aan de steiger en kade helemaal geen plaats voor ons is. We laten gewoon ons anker ploffen in het zand, eten, rusten uit en gaan naar bed na ons laatste kopje koffie. De deining die in de haven komt doet mij denken aan de schoot van moeder aarde. Heerlijk zwellend en pulserend, omhoog en omlaag, van links naar recht wiegen we in slaap.
Goedemorgen lieve mensen. Niets is zo louterend als een goede nachtrust om dan weer verder te trekken. Het is maar 10 mijl naar Funchal. Geen zeilen want de wind is op! De oceaan is voor de afwisseling zo glad als een pas geschoren baard, maar daar hebben wij beiden geen verstand van. Het is prachtig zonnig weer geworden en langs deze ruwe kust varen is weer een heel andere ervaring dan langs de Algarve. Hoge bergen en klippen en de bebouwing langs alle hellingen wisselen elkaar in snel tempo af. Hier weet men wat van bruggen bouwen. Alle hellingen worden op die manier met elkaar verbonden. We varen langs het vliegveld en dan op de hoek boven op de hoogste klif zien we een groot Heilig Hart beeld met gestrekte armen. Imposant, dat wel. Ik dacht dat alleen in Brazilië te zien maar dit is al de tweede maal dat we zo'n beeld zien.
Eerder in Lissabon ook al. En dan ligt daar Funchal, een grote stad aan de voet van de bergen. Prachtig! Er liggen een aantal andere schepen maar er is gelukkig nog plek voor ons om het anker te laten vallen. Dat wil wel eens anders zijn, heb ik gelezen. Ook is er niet altijd plek in de jachthaven en dan ben je genoodzaakt om verder door te varen of om te keren.
Gaan eerst naar de haven om in te klaren.Wat een vriendelijkheid hier, we worden er helemaal warm van. Heel wat anders dan op Porto Santo. Op de lange kademuur zien we ontelbare tekeningen geschilderd van eerder bezoekende jachten. Misschien ga ik de Nederlandse schilderingen eruit halen en fotograferen. Wordt weer een nieuwe pagina op onze site net als de bolders. De eerste bolders hier heb ik alweer gefotografeerd.
In de marina krijgen we de sleutels om gratis gebruik te maken van de douches. De rubberboot kunnen we zonder zorg aan de steigers in de haven achter laten. En betalen..? Nee hoor, niet als je hier achter je anker ligt! We hebben hier de tijd om rond te kijken en zijn van plan om dat ook per brommer of scootertje te doen. Lijkt ons veel leuker dan een bus, auto of fiets.
Foto's volgen nog wel. Na deze mail moet ik echt de toiletruimte schoon gaan maken. Langer uitstellen kan echt niet meer.
Marietta en Paul zijn met hun boot onderweg naar ons toe en als het goed is kunnen we ze over een dag of zeven hier verwachten. Spannend hoor. Voor hen nog een hele oversteek te gaan vanuit Lissabon. Wij wensen hun een goede tocht toe. Eind juli komen Ton en Nicky van Zon aan boord om met ons de oversteek te maken naar de Canarische eilanden. Maar dat wordt weer een andere flessenpost. Wij wensen iedereen in het thuisland en andere varenden een heel fijne
vakantie toe en tot mails!

Juni 2005
Arnold en Coby

zondag 15 juli 2012

Mrt. 2005 Precies een jaar later

Maart 2005

 Precies 1 jaar later
 

Precies een jaar geleden vertrokken we vanuit Vlissingen om onze droom te verwezenlijken.
Zoals bij alle vertrekkers kostte dat onnoemelijk veel energie en met hulp van vele vrienden en familie konden we Nederland op 9 mei 2004 achter ons laten. De foto's van dat vertrek hangen hier in ons zicht. Het laatste afscheid van onze zoon en zijn vriendin, familie en vrienden. Velen stonden met verschillende gedachten waarin plotseling één de boventoon voerde en dat was toen wij een groot zeeschip passeerden bij de pier, "wat is Drifter klein op die grote zee".
Nu, precies een jaar later kregen we een es-em-esje van onze Stephan, "ik ben ongelooflijk trots op jullie". Geweldig, toch? En eigenlijk zijn we nog niet echt ver weg! Het tweede gedeelte van onze reis staat eraan te komen. We gaan Europa verlaten en trekken verder.
Voor de statistieken:
>>> We hebben inmiddels 3081 mijl gevaren, voor de landrotten is dat 5706 km. De laatste tien
maanden voornamelijk van Portugal naar Spanje en terug. Dan regelmatig naar Gibraltar.
Eenmaal naar Marokko vise versa. De Rio Guadiana op en af en weer heen en weer van Portugal
naar Spanje en retour om nu weer op een oud stekje te liggen in Portugal, n.l. bij Culatra.
Een eiland in de Ria Formosa, een prachtig waddengebied in de buurt van Faro.
>>> We hebben onderweg van alles aangeschaft: Acht accu's, twee zonnepanelen, windvaan/
stuurinrichting, roestvrij staal en stof voor een zonnetent, een extra laptop, kleine  benzinegenerator, een tweede spinnakerboom, duikuitrusting, twee snorkelsets, staafmixer, een steek- en 'n bood/ schappenwagen, 'n eetservies en een DVD van Pink Floyd.
>>> We hebben circa 600 e-mailtjes gekregen waaronder korte berichten, weerinformatie, memo's en brieven; ongeveer 450 e-mailtjes verstuurd waaronder info en brieven, veel brieven.
Zeventien maal "Flessenpost" geschreven; circa 50 kaarten en15 brieven verzonden; vele es-em-esjes en telefoontjes en bijna 5000 bezoekers aan de website.
>>> Als opstappers hebben onze zoon Stephan en zijn vriendin Monique, vijf zussen en een broer
van Arnold met hun eega's en de zoon van vrienden aangemonsterd. Sommigen schuwen het niet
om een tweede keer langs te komen! Anderen willen nooit meer aan boord verblijven! Tja,..Niet
iedereen heeft zeebenen en sommigen hebben liever vaste grond onder de voeten.
Wat is er in tussentijd gebeurd in dat Hollandje, wat is er bij ons blijven hangen of tot ons
doorgedrongen? Een wittere winter dan wij hadden; regering Balkenellende, foei!; Lubbers, grijp/
grage handjes?; De Graaf weg; de Graafse wijk in Den Bosch duidelijk aanwezig; voetbalrellen; Europacup; geen echte ontwikkelingen in de Piushaven; en helaas het opheffen van het shanty-
koor de Brulboeien in Tilburg. Ook werd duidelijk dat Nederland wel erg klein is met betrekking
tot Europa. Hebben we iets gemist?
We hebben nieuwe vrienden gemaakt waaronder Jenny en Henk van de Deborah. We missen
hen echt! Ook Ruud en Ulla, een heel warm stel en anderen. Veel medevaarders, zeilers en andere kennissen zijn bij ons aan tafel geschoven. "Soepie?" was het codewoord om wat langer te blijven zitten bij ons aan boord. De wijn ging af en toe per 5-liter cans over de toog. Ieder bracht wat mee en vaak werd onderling nog wat bijgehaald. Opmerkelijk weinig hoofdpijn gehad, wel nadorst! Inmiddels hebben we afscheid genomen van de rivier de Guadiana, misschien zien we elkaar nog eens een keer evenals de mensen die daar een huisje hebben gekocht na hun omzeilingen. Zij hebben de mijlen al afgelegd die wij nog willen gaan. Een beetje verliefd zijn we
wel geworden op die veelzijdige en prachtige rivier. We hebben veel ontmoetingen gehad met anderstaligen en autochtonen, in dorpjes en steden vertoeft, cultuur opgesnoven en veel terrasjes
bezocht, gewandeld, gefietst en weinig gezwommen! We leven intenser en genieten van heel veel
> dingen om ons heen die we bijna waren vergeten. Zoals de stilte, heerlijk alleen het kabbelen
van het water, de wind, de wolken, de vogels, de mooie natuur, de geuren van het land en zoveel
meer. Voor ons gevoel begint het nu pas.
Wij hebben samen met Drifter een gewéldig jaar achter de rug. Een fijn schip om op te leven, in
te wonen, mee te varen en te zeilen. En wij tweeën? Samen? Intens genieten van elkaar, heerlijk!
Over een paar weken vertrekken we naar Madeira en verder. We zijn al weer bezig met de voor-
bereidingen daartoe. We hebben er zin in. Thuisfront bedankt voor jullie support, warme mails en
het meebrengen van spullen uit Holland indien nodig was. Wij blijven jullie op de hoogte houden
van onze capriolen en vaargenoegens. Tot mails, schrijfs en wat al niet meer.

Kusje, Coby en Arnold
9 mei 2005

Mrt. 2005 Kletsen? Hoezo...?

 Maart 2005

 Kletsen? Hoezo..?

Of je nu aan de steiger ligt in Alcoutim, Sanlucar, Villa-Real of Olhão, niets is zo nieuwsrijk en tot ieders verbeelding invoelbaar als het zeilerswereldje onderling. Laat ik het proberen te verduidelijken. We horen regelmatig: 'Ken je die? Die en die van die boot? Nou, ik heb gehoord
dat.. De verhalen en roddels komen dan los. Zit ik lekker in het zonnetje in de kuip komt er een bekende langs lopen en ook hij begint een praatje dat al gauw overgaat in nieuwtjes en wetens-
waardigheden van andere steigerbewoners. ''Nou das wat zeg! Heb je het al gehoord? Zij heeft iets met die van het houten bootje of met elkaar gehad en die is er vandoor met die van die en zij van dat Nederlands schip heeft nog steeds iets met die ander maar hem kan dat niet schelen zolang zij maar terug komt. En die hebben het met elkaar gedaan en die ander weet er iets meer van of heeft ze betrapt en verteld nu aan alleman dat... En die is het er niet mee eens en zij hebben met elkaar een hartig woordje gewisseld waar klappen zijn gevallen. En die is er met een
28 jarige knappe jonge vrouw vandoor, volgens mij een Venezolaanse. Zij zit nu alleen op die boot
maar had iets met een neger waar haar ex weer achter kwam. En die, die hadden laatst een barbecue waar ze elkaar weer zagen en je kent het hé, een glaasje teveel op en heel de vuile was ligt op straat. Van die weet ik niet wat hij doet nu zij daar is terwijl die ander weg is gegaan na 30 jaar. Daar zijn natuurlijk de poppen aan het dansen. O, ja en die is weggegaan bij die. Hij zit nu alleen maar gaat iedere dag naar het internetcafé om te zoeken naar een ander want hij zegt niet zonder te kunnen. Wat een beest, hé? Hij had weer iets aan de hand met die van dat blauwe zeiljacht. Tja, het fijne weet ik er niet van want ik bemoei me nergens mee maar je vangt soms iets op, toch? Nou, ik ga er maar eens vandoor dat vrouwtje helpen zij heeft iets aan haar motortje en ik heb beloofd en naar te kijken. Niet dat ik iets met haar heb, wil ik wel even verduidelijken. Het is maar dat je het weet! Ja, je weet hoe het hier gaat aan de steiger.Er wordt zoveel gekletst en iedereen weet wel wat van elkaar te zeggen en geloof mij nou maar, zij zijn zo nieuwsgierig als de pest naar het hoe en wat bij ieder. Niemand is veilig. Ik zou als ik jou was je man maar eens goed in de gaten houden, want je weet nooit... Trouwens, zag ik je gisteren niet in het stadje op het terras zitten met...?"

Hij zuchtte eens diep en liep verder om drie meter verderop bij de buren stil te staan en op de boot te kloppen. Ik wist zeker dat beide aan boord van hun schip waren, maar niemand liet zich zien... Het zijn net mensen die zeilers onderling...
De meeste Nederlanders zijn plotseling hier vertrokken. Heeft dat misschien te maken met de aan-
houdende geruchten dat er vanaf volgende week betaald moet gaan worden aan deze steiger? De prijzen die betaald zouden moeten worden variëren behoorlijk en blijken onaanvaardbaar hoog aangezien er geen water, elektriciteit en bewaking geboden wordt, nog los van sanitaire- en  servicevoorzieningen. Chris de amateur-zender noemt dit het bekende kat en muisspelletje dat vaker in Olhão gespeeld zou zijn. Wij voelen ons solidair ook al staan wij op het punt van vertrek. Zo worden op een middag alle mensen van de steiger opgetrommeld en lopen naar het kantoor van de havendienst om opheldering te vragen. Een echte demonstratieve optocht. We zijn duidelijk te onderscheiden van de meeste groepen toeristen die hier met bussen gedropt worden. We gedragen ons wat opstandig en uitgelaten en proberen er grimmig uit te zien. Op het kantoor aangekomen is er een Fransman die goed Portugees spreekt en namens allen het woord voert. Dat blijkt hard nodig te zijn omdat anders iedereen zijn of haar zegje wil doen en dat natuurlijk in alle talen. We schieten er geen stap mee op want we worden van het kastje naar de muur gestuurd want niemand blijkt voldoende te zeggen te hebben. De aanwezige verantwoordelijke wil ons niet te woord staan en ook zijn naam wil hij ons niet geven. Dit wordt ons uitgelegd door een vriendelijke dame aan de desk. Zij weet uiteindelijk een afspraak te regelen voor aanstaande maandag met de hoogste baas die speciaal uit Faro zal komen. Hilarisch, dat wel! Bon, allons..... We kunnen niet anders dan maar weer vertrekken. Op de terugweg is de stemming meer van, zo, die hebben we een poepje laten ruiken!! Ha, ha.
We liggen inmiddels al weer te lang in Olhão en het wordt zeker tijd om te vertrekken. De meeste
karweitjes zijn gedaan en nu is het wachten op het draaien van de oostenwind naar het westen.
Het is zondag 20 maart en we maken ons en de boot weer vaarklaar. Alles weer stormvast en op
zijn plek. We hebben nu een elektrische ankerlier en Arnolds ochtendbeweging is gereduceerd van een ketting en anker binnenhalen d.m.v. zo'n dertig zware slagen tot een eenvoudige beweging met zijn duim om twee knopjes in te drukken om het hele zaakje aan boord te krijgen. Ik weet niet of dat een goede vooruitgang is wat beweging betreft maar het is wel beter voor zijn rug! We gaan vandaag eerst bij Culatra achter het anker liggen om morgen met het tij mee naar buiten te varen de oceaan op, rechtstreeks naar Gibraltar. Er staan ons 145 mijl te wachten. Dus dat wordt een nachtje doorvaren. De wind gaat draaien van oost naar zuidwest. En zoals verwacht zal de windkracht van 4 á 5 afnemen tot 0 á 2. Er staat een golfhoogte van zo'n 1½ meter. De zon laat het afweten en het wordt een saaie grijze overtocht. Later in de nacht gaat het stevig regenen en er zijn geen sterren te zien, laat staan de maan. De wind neemt toe tot 6 en met ruime wind stuiven we er vandoor. Gemiddeld varen we 6 knoop. Het zou een prima tocht zijn ware het niet
dat alles klam en nat wordt en de lucht erg donker is, jammer.
Arnold en ik hebben de wacht vanaf 's avonds 10 uur ingesteld op 2 uur op en 2 uur af. Zo lijkt de
wachttijd niet zo lang. Na iedere wacht is het heerlijk om in de warme kooi van de ander te gaan liggen en even proberen te slapen. Onderweg zien we heel even drie nieuwsgierige dolfijnen naast de boot opduiken. Zij hebben het snel weer gezien en heel de reis verder zien we niets dan een paar Jan van Genten. Dat is wel eens anders geweest. Het is 5 uur in de ochtend als Arnold het grootzeil strijkt. We stuiven verder alleen met de genua op in halve wind. Tijdens mijn wacht, als we in de straat van Gibraltar zijn, gaat de wind helemaal liggen. Daar rol ik de genua in en varen we alleen op de motor verder. Geen wind in de straat maar wel om ons heen grote zware grijze wolken. Om 11.15 uur liggen we achter ons anker bij La Linea, in het zicht van de rots van Gibraltar. De zon breekt door, heerlijk alles kan weer drogen. Er is geen andere zeilboot te zien, dat was van de zomer wel wat anders. Hier wachten we op een Windpilot die we in Duitsland besteld hebben. Dat is een apparaat dat achterop de boot geplaatst wordt en er voor gaat zorgen dat het schip op de wind stuurt zonder dat wij constant aan het roer hoeven te staan. We hebben al wel een elektrische stuurautomaat maar die kost erg veel stroom. Je kunt eigenlijk geen lange oversteken maken zonder een goede windvaanstuurinrichting. Deze is onontbeerlijk. Maar. dat lijkt wel met alles wat we inmiddels aangeschaft hebben...
Tot de volgende flessenpost
 
Groet, Arnold en Coby
S Y Drifter
29 maart 2005

Feb. 2005 "Ooiegevaar"

 Februari 2005

 'Ooiegevaar'.


Vandaag is het 5 februari 2005.
Hé, we zeilen weer! Eindelijk, ook al is het maar voor even. Op naar Olhão. Vanaf Isla Cristina in
Spanje is dat ruim 30 mijl varen. We kunnen halve wind zeilen. We hebben alleen de genua opstaan. En lopen zo'n 5 knopen. Dat is op het moment hard genoeg omdat we niet te vroeg binnen moeten lopen i.v.m. de tegenstroom die behoorlijk door kan staan bij de ingang van het waddengebied. En het is te danken aan ons beschermengeltje of aan iets anders dat Arnold ineens op liet kijken en enig gevaar voelde. Op zo'n dertig meter voor ons zien we het gigantische tonijnnet liggen gemarkeerd door grote gele boeien. Een heel veld van gele ballen. We schatten dat net op een doorsnede van 1 km. 'Erreg' groot in ieder geval. Het stuurwiel snel om en Drifter door de wind gedraaid konden we het gevaar ontlopen. Het was halverwege de route dat ik Arnold vroeg over dit net maar hij wist mij te vertellen dat in de winterperiode dat net er niet zou liggen. Had hij ergens in de pilot gelezen! Foutje, foutje.. Gelukkig op tijd in kunnen grijpen, je moet er niet aan denken wat er gebeurd zou zijn als we met die snelheid erin waren gevaren.
Donkere wolken pakken zich boven Oleâo samen. We zien zelfs horizontale bliksemschichten flitsen boven de bergflanken. We hadden onderweg een paar kleine regenbuien. Dat was voor het eerst sinds september 2004. De wind verandert van richting. Dit duidt op een front. We zien via de gripfiles die weerkaarten weergeeft dat er een depressie voor de kust van Portugal hangt. Zou het hier dan toch nog een natte winter worden?  
Er is inmiddels een nieuwe klussenlijst samen gesteld door Arnold. We kunnen de mouwen opstropen, tjonge, jonge! Hier in Oleâo zijn een aantal bedrijven waar we de zaken in orde hopen te kunnen maken. We zijn niet de enigen met onderhoudsproblemen. Hier aan de steiger liggen heel wat zeilschepen waaraan gewerkt wordt. Verschillende generatoren staan met ronkende motoren op de vlonders.Zij laten de zaag- en boormachines weer draaien. Overal horen we de klopgeluiden van arbeid. Ja, wij zijn ook weer de klos! Arnold is al bezig de ankerlier verwijderen om een nieuwe elektrische ankerlier te monteren. De nieuwe accu's ervoor staan al ingebouwd. Even maar niet verder kijken. Het is jammer dat Ton en Nicky nu niet hier zijn om even "mee te denken". 
Ik zag een prachtig natuurverschijnsel. We lagen achter ons anker bij Isla Christina. Tegen de middag zag ik tot mijn verbazing een grote vlucht ooievaars het luchtruim kiezen om daar met de warme opstijgende lucht steeds hoger te zweven in de thermiek. Ik kwam met tellen al snel boven de 50 en er kwamen er steeds meer bij. Een geweldig schouwspel. Het leek wel of ze de zwaartekracht aan het tarten waren met hun capriolen. Ik zag verschillende keren dat ze elkaar bijna aanraakten en koppeltjes vormden. Het deed me sterk denken aan het paraderen van mensen op de boulevards. De groepjes meisjes met hun draaiende kontjes en de slungelige jongens. "Kijk eens naar mij, heb ik geen brede borst en kan ik niet lekker hoog zweven? Kom eens, schatje, laat me je van dichtbij bekijken. Kom eens bij me vliegen, mmmm, ik heb wel zin in je! Wat een mooie vleugelslag en achterstel zie ik daar. Oei, wacht even eerst deze bocht nemen, nee, ga er niet vandoor! O, je buurvrouwtje mag er ook best wezen. He, grote jongen niet zo brutaal, ik zag haar het eerst, opzij jij of ik duw je een etage lager als je niet oppast! Zij daar, kijk daar eens even wat een lelijkerd, neem die maar. Wouw, wat een stuk daar onder mij!! Daar word ik lekker warm van! Even snelheid maken. Waar is ze nou? Snel even dalen, oei te snel, ik kan niet meer, au, getderrie oef, een paal! Kr..#*krats?#, boem **** "! " Tja, de best gebouwde schepen lijden soms schipbreuk op een kleine klip. Of; er is heel wat stuurmanschap voor nodig om tussen de klippen van de liefde door te zeilen. Op dat moment hoor ik op de radio: "When a man loves a woman". Wel heel toepasselijk!
Februari 2005
Coby

Dec. 2004 Kerstmis

 December 2004

Kerstmis 2004
 
Hallo lieve vrienden, kennissen, familie, dierbaren, geliefden, lotgenoten, verwanten, meegenieters, passiegenoten, ex-collega's, leeftijdsgenoten, jongeren, gewoongenoten en Kerstgenoten. Hier waait het 25 knopen om onze oren en wij genieten. Nee, we varen niet. We liggen achter ons anker en worden door elkaar geschut door stroming en harde wind tegen de stroom. Drifter hangt achter het anker soms 20° schuin. De Kerstboom laten we maar even ondersteboven hangen aan de elektrische draad want hij valt toch steeds om! De borrelglaasjes houden we angstvallig in onze handen maar merken wel dat ze op deze manier eerder leeg zijn. Alle schepen op de rivier dwarrelen van rechts naar links achter hun ankers. En de zon schijnt volop. Met een Kerst-cd van Herman van Veen en een cd met Cristmasblues genieten wij dus zoals ik eerder schreef en wel van alle kerstcadeau's die we deze dag op 25 december mogen uitpakken zoals was afgesproken tijdens ons afscheidsfeestje. Met het afscheidsboek erbij (dat geweldig leuk is geworden) maakt dat we ons zeker niet alleen voelen maar wel ervaren dat jullie allemaal ver weg zitten. We doen het wel met de foto's en leuke creatieve stukjes van U allen! Hoe was het om in april te denken aan een stukje Kerst oom aan ons mee te geven voor ruim een half jaar later? Moeilijk denk ik toch? Verschillenden hadden nog ergens een kerstkaart gevonden en
kerstpapier om het kleinood in te verpakken. Knap bedacht. Nederlanders bewaren erg veel is al eerder statisch bewezen en dat zie je nu wel weer! Cadeautjes uit pakken is leuk! Moeten jullie ook eens doen.
Wij zijn op een heerlijke manier verrast. Velen hebben ons willen laten proeven van lekkers zoals: drop, chocolade (is helaas wat wit en oud geworden), champagne, drop, viskruiden en marinade voor vis, likeuren, drop, rode en witte wijn, drop, dipsauzen, fishermen's friends, Vlijmens bittertje, drop, brie, tuinkers(zaadjes), drop, schrobbelaar en voor de verandering drop!
Een nuchter volkje daar in het koude noorden, want velen hebben ons bedacht met praktische en nuttige cadeaus zoals, vlaggen van de toerzeilers, gasaansteker voor fornuis op zonnecellen, harpsleutel, logboek, aantekenboekje, kerstballetjes, rooi carnavalszakdoeken, een (doe het zelf)zaklamp die je moet schudden voor hij licht geeft, 2 plastic bierglazen, aansteker die de wind trotseert, kurken sleutelhanger en wegwerpwashandjes. Mochten we ons vervelen, geen nood, we kregen vele boeken waaronder maritieme liedjes, gedichtenbundels over zee, koffers zeelucht, een boek over jachthavens in de Middellandse zee en een naslagwerk wereldgids, boekje ballade's, wijze uitspraken, kookboek over minneprikkelende verhalen en recepten, vrouwenbespiegelingen, terug naar de natuur van Klazien uit Zalk (echt waar), Het leven van Pi
en, niet te vergeten natuurlijk, ons afscheidsboek. Uitgelezen? Ook geen nood dan zaten er nog leuke speeltjes bij waaronder kwartetspel van Tilburg, 2 jojo's en een houten solitairspel. Gedichten, brieven, kaarten en leuke en kleinoodjes zoals, tarotkaarten, keramisch reuksteentje, wierookstokjes, Franciscusbijbeltje, Anonieme Vredeskaars met begeleidende brief, een kaarsenhoudertje van steen en nog een paar gelddonaties. Verders nog wat humor zoals onderbroek met gum, klein rond drukdoosje met daarop een kuikentje en piepgeluidjes, zingende en dansende vis, kruikenzeiker als metafoor en flesje badolie.
Lieve cadeautjes waaronder oude brief en foto, zelfgemaakt keramisch schilderijtje (vogelvrij) en klein schuin aardewerk drinkkopje (deining van het leven) rozenkwartssteentje en 'n olifantje als gelukssymbool. Een hartvormige boekenleggertje en zilveren handje dat in gebarentaal zegt, "I love you" in een heel speciaal doosje.
Geen namen die ik bedank, bang om iemand te vergeten en deze Flessenpost wordt er saai door! Hoe zeg je in een normale zin waarin ik veel warm gevoel kan meegeven, bedankt, erg bedankt? Een onvergetelijke tijd in Nederland was het voor ons rond het afscheid met vele vrienden. Met deze Kerst hebben we ons afscheid op afstand dunnetjes over gedaan. Jullie waren erbij en in ons hart.

25 December 2004
Arnold en Coby